Column | Ik zie je, Dilan! Maar wie zie jij?

 

 

Bijna de helft van de VVD-achterban wil Dilan Yeşilgöz niet meer als lijsttrekker, blijkt uit recent onderzoek van het RTL Nieuwspanel. Het vertrouwen in haar leiderschap is gehalveerd sinds juni. De ‘Douwe Bob-rel’, de uitsluiting van de PVV en inhoudelijke kritiek op het partijprogramma worden genoemd als breekpunten. Allemaal legitieme zorgen. En toch knaagt er iets.
Want als je door de cijfers, uitspraken en verontwaardiging heen kijkt, valt iets op: de kritiek op Yeşilgöz is intens. Bijna persoonlijk. Terwijl haar stijl – hard op migratie, bestuurlijk op orde – nauwelijks afwijkt van haar voorganger Rutte. Ook hij maakte fouten. Ook hij kreeg kritiek. Maar zelden met dezelfde felheid of afrekencultuur vanuit de eigen achterban.

Laat me duidelijk zijn: dit is geen pleidooi om Yeşilgöz te sparen vanwege haar achtergrond. Een politicus moet afgerekend worden op daden, niet op afkomst. Maar het is wel een oproep om eerlijk te zijn over het ongemak dat ik proef: de lat ligt anders voor vrouwen van kleur aan de top. Zeker als ze zelfverzekerd en uitgesproken zijn.
Is de kritiek op Yeşilgöz puur inhoudelijk? Of is er een onderstroom van onuitgesproken ongemak met een vrouw met een migratieachtergrond die de VVD aanvoert? Het een hoeft het ander niet uit te sluiten.

Soms verdenk ik de VVD van heimwee naar een ‘veilig’ wit leiderschap. Naar een man in een pak die nooit excuses hoeft te maken, zelfs niet als hij jarenlang in de bestuurscrisis danst. En dan komt Dilan – scherp, zichtbaar, Turks, uitgesproken. En dan mag ineens alles net niet.
Ze maakte fouten. Ze heeft haar toon soms niet mee. Maar ze verdient óók de ruimte om te leren en te herstellen – zoals zovelen voor haar. En misschien verdienen we als samenleving een eerlijker spiegel over de maat waarmee we meten.
Maar sinds haar optreden bij BOOS is het ongemak niet verdwenen. Het is verschoven. Want naast dat ik Yeşilgöz wil beschermen tegen racistische reflexen, voel ik nu net zo sterk de behoefte haar te bekritiseren als machtige politieke speler die zelf niet onschuldig is gebleven. Want wat als iemand die zélf onveiligheid ervaart, ook anderen onveilig maakt?

Het gesprek met Tim Hofman maakt pijnlijk zichtbaar hoe Yeşilgöz haar machtspositie gebruikt om op momenten van kritiek niet te verbinden, maar te polariseren. In de kwestie rondom de oproep van BOOS over politiegeweld reageerde zij nog vóór de uitzending met een tweet waarin ze impliciet de integriteit van de redactie in twijfel trok. Ze zette het programma tegenover het politieapparaat en de Joodse gemeenschap, en voedde daarmee de valse tegenstelling tussen recht en activisme. Dit leidde tot een golf van bedreigingen richting de redactie, specifiek richting Hofman zelf. Toen hem daarover werd bevraagd, ontkende ze een causaal verband. (Overigens, als we elke keer dat die woorden vielen een euro kregen, was de hele redactie van BOOS met vroegpensioen geweest.)

Hetzelfde patroon zagen we bij de Douwe Bob-affaire. In juni 2025 zei de zanger zijn optreden bij een Joodse sportclub af vanwege zionistische posters en pamfletten die daar – volgens hem – tegen de afspraken in hingen. Yeşilgöz beschuldigde hem op X direct van antisemitisme. De beschuldiging leidde tot ophef, bedreigingen en uiteindelijk zelfs tot zijn tijdelijke vertrek uit Nederland. Ze hield wekenlang voet bij stuk, kwam pas tot inkeer toen het kort geding dreigde én de peilingen begonnen te kelderen. In het BOOS-interview noemt Yeşilgöz haar woorden "niet goed gekozen". Ze neemt verantwoordelijkheid voor de toon, maar niet voor de gevolgen.
Dat is misschien wel de kern van het probleem. Yeşilgöz wil vrijheid verdedigen, maar heeft moeite met de vrijheid van anderen als die haar beeld uitdagen. Ze waarschuwt voor een cancelcultuur, maar weet feilloos hoe ze publieke verontwaardiging kan activeren tegen wie haar narratief doorkruist. Ze spreekt over de rechtsstaat, maar ondermijnt met haar uitspraken het vertrouwen in de journalistiek. Het ongemak dat ik eerder voelde over hoe zij beoordeeld werd, maakt nu plaats voor ongemak over hoe zíj oordeelt over anderen.

Deze paradox verdient serieuze reflectie. Want Yeşilgöz is slachtoffer en veroorzaker tegelijk. En dat schuurt. Niet omdat het onmogelijk is, maar omdat ze zelf weigert dat spanningsveld te erkennen. Ze heeft haar rug recht, maar geen oog voor de voetafdruk die ze achterlaat. En dat is gevaarlijk in een tijd waarin publieke woorden sneller dan ooit kunnen escaleren.
En ik zeg dat als iemand die eerder schreef: "Diversiteit is geen eindpunt, maar een uitnodiging." Die uitnodiging geldt ook voor Yeşilgöz. Niet als excuus, maar als spiegel. De vraag is niet alleen welke deugden leiders verspreiden, maar of ze de moed hebben zich te laten bevragen — door journalisten, activisten, en ja, ook door kiezers met ongemakkelijke vragen. Moed, rechtvaardigheid, hoop en liefde — het zijn geen buzzwords, maar leidende principes in tijden van polarisatie.

Wat ik in haar zie, is een vrouw die zich in een door mannen gedomineerd speelveld staande probeert te houden. Een vrouw die zich zichtbaar heeft ontworsteld aan haar achtergrond en nu aan de top staat. Dat verdient erkenning. Maar macht vraagt om meer dan erkenning. Het vraagt om zelfreflectie, om nederigheid, om het vermogen om ook dan sorry te zeggen als je de machtigste stem in de kamer bent.
En dus blijft de vraag: hoe veilig is Nederland onder het leiderschap van iemand die veiligheid eist, maar het zelf niet biedt als het spannend wordt?

Liefs aan Dina Jesselgeus, je bent misschien niet ieders favoriete VVD’er, maar je bent wél een spiegel voor ons allemaal.

*

 

Gerinio Triebel

 

Gerinio is journalist, dansmaker en socioloog.
Hij schrijft voor onder andere Radar, Red Pers en AT5 over macht, identiteit en consumentenzaken.
Daarnaast maakt hij multidisciplinaire voorstellingen met zijn collectief All Those Creators.

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.