Opinie | De playlist van de rechtsstaat

Waarom de meltdown over Bad Bunny eindigt bij Joost Sneller

 

De 68e Grammy Awards van februari 2026 voelden als een koortsdroom die overwaaide uit het Westen. Terwijl Bad Bunny als eerste Spaanstalige artiest ooit Album of the Year won en daarmee de ultieme triomf van de vrije markt vierde, ontplofte het conservatieve internet. In de Verenigde Staten werd zijn succes direct bestempeld als "civilizational erasure", oftewel de uitwissing van de eigen cultuur. Wie door de Amerikaanse ruis heen kijkt, ziet echter een spiegel die ook voor de Nederlandse samenleving angstaanjagend helder is.

De Marktplaats van de Gekwetste Gevoelens

De meltdown over Bad Bunny legt een diepe pathologie bloot. We zien een beweging die de mond vol heeft van de vrije markt, maar onmiddellijk om een ideologische planeconomie smeekt zodra de culturele balans doorslaat naar de verkeerde kant. Men eist culturele bescherming omdat het eigen wereldbeeld commercieel of artistiek niet langer de boventoon voert.

In Nederland zien we de echo hiervan in de felle aanvallen op de publieke omroep en de weerstand tegen alles wat als on-Nederlands wordt gelabeld. De vergeefsheid van deze cultuuroorlog zit in de weigering te accepteren dat cultuur organisch is. Je kunt de tijdgeest niet dwingen te stoppen bij een nostalgisch beeld van de jaren negentig door artiesten in reductionistische hokjes te plaatsen. Terwijl we vechten om de kleur van het behang, wordt het fundament van het huis weggevreten.

De Werkelijke Uitwissing

De werkelijke uitwissing van de beschaving vindt namelijk niet plaats op een podium, maar binnen de instituten. In Minneapolis zagen we begin dit jaar de rauwe realiteit van onbegrensde staatsmacht. Federale agenten zagen de wet niet meer als grens, maar als een hinderlijk obstakel. Hoewel we ons in Nederland vaak veilig wanen voor dergelijke excessen, is de institutionele erosie hier subtieler aanwezig. De transitie van een overheid die optreedt als regelgever naar een overheid die optreedt als tuchtmeester is allang ingezet. Hierbij worden burgers en organisaties steeds vaker gewantrouwd of zelfs gecriminaliseerd.

Dat we ons in een kritieke fase bevinden, blijkt uit de lancering van Project 2026 door D66-Kamerlid Joost Sneller. Het feit dat er een politiek offensief nodig is om de onafhankelijkheid van de rechterlijke macht en de gratieregeling te beschermen, is een essentieel waarschuwingssignaal. Het is een directe reactie op de angst voor een Nederlandse kopie van het autoritaire Amerikaanse "Project 2025". We strijden inmiddels niet langer alleen om artistieke uitingen, we strijden om het behoud van de spelregels zelf.

Een Strategie van Afleiding

De kracht van het Westen ligt niet in onze bloedlijn of onze taal, maar in de structurele beperking van de macht. Het is het contract dat stelt dat de staat gebonden is aan de wet, ongeacht wie er in het Torentje zit. De cultuuroorlog is in dit licht een effectieve afleidingsmanoeuvre. Zolang we debatteren over de vraag of een show tijdens de Super Bowl wel Amerikaans genoeg is, of we in Nederland vallen over een gewaagde talkshowtafel, kijken we niet naar de manier waarop de democratische tegenmacht wordt uitgehold.

We verliezen ons in esthetische fricties, variërend van de kledingkeuzes van popsterren tot de samenstelling van talkshows, terwijl de werkelijke machtsverschuiving plaatsvindt in de achterkamers. Daar worden burgerrechten geruisloos ingeruild voor vermeende veiligheid en controle.

De Westelijke beschaving is geen museum van symbolen en slogans, het is een afspraak. Het is de afspraak dat macht verantwoording verschuldigd is en dat rechten onvoorwaardelijk zijn. De werkelijke bedreiging is niet de diversiteit op het podium, maar de groeiende acceptatie van onbegrensde macht aan de top.

Als we de uitwissing van onze beschaving werkelijk willen stoppen, moeten we ophouden met het politiseren van de playlist en weer gaan vechten voor de instituten die ons vrij houden. Want aan het einde van deze vergeefse cultuuroorlog winnen we misschien de discussie over een symbool, maar verliezen we de rechtsstaat die dat symbool ooit zijn betekenis gaf.

De geschiedenis herhaalt zich niet, maar ze rijmt wel, en op dit moment klinkt het geluid in Minneapolis verdacht veel als een waarschuwing voor Den Haag.

*

 

Gerinio Triebel

 

Gerinio is journalist, dansmaker en socioloog.
Hij schrijft voor onder andere Radar, Red Pers en AT5 over macht, identiteit en consumentenzaken.
Daarnaast maakt hij multidisciplinaire voorstellingen met zijn collectief All Those Creators.

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.